Keuzevrijheid
Door Jesse Nutma
Keuzes maken is niet een van mijn talenten. Als ik een setlist mag maken voor een
zondagochtenddienst, zijn er zóveel mooie liederen om uit te kiezen. Met alleen de
Opwekkingsbundel heb je tegenwoordig al bijna duizend opties. Hoe kun je daar nou
maar acht liederen voor een zondagochtend uit kiezen?
Of als Lisanne en ik uit eten gaan en de menukaart voorgeschoteld krijgen. Hoe kun
je nu kiezen tussen al dat lekkers? De gave van het kiezen is ons beiden niet
gegeven, dus voordat wij een keuze hebben gemaakt, zijn we minimaal een halfuur
verder. Ik denk dat ik tóch voor deze ga. Of nee, wacht, die andere klinkt ook lekker!
Ik besef terdege dat het überhaupt kúnnen kiezen een enorm luxeprobleem is. We
kunnen in vrijheid kiezen naar welke kerk we gaan, op welke politieke partij we
stemmen, naar welke school we onze kinderen sturen, welke maaltijd we vanavond
bereiden. Die keuzevrijheid is een voorrecht dat een ruime meerderheid van de
mensheid op deze wereld niet heeft.
Keuzevrijheid is een groot goed, maar brengt ook verantwoordelijkheid met zich mee.
Dat klinkt als een enorme dooddoener, maar laat me de uitspraak wat persoonlijker
maken. Vaak bestaan keuzes – en dan bedoel ik niet het kiezen van
Opwekkingsliederen of hoofdgerechten, maar fundamentelere keuzes – uit een
goede optie, en een minder goede of ronduit slechte optie. En laten wij mensen nu
net de neiging hebben om die laatste categorie interessanter en verleidelijker te
vinden.
Ik wil kiezen voor een gezond leven, maar kan die zak chips niet weerstaan.
Ik wil kiezen voor tijd met God door te bidden of Bijbel te lezen, maar de nieuwe
aflevering van mijn favoriete serie staat net online.
Ik wil kiezen voor trouw, maar van alle kanten komt verleiding op me af.
We streven ten diepste naar het goede. Maar we trappen telkens in dezelfde
valkuilen.
Het stelt me gerust dat ik niet de enige ben met dit euvel. Geloofsheld Paulus bleek
hier ook last van te hebben! Hij geeft er mooi en herkenbaar woorden aan: ik doe niet
wat ik wil, ik doe juist wat ik haat (Romeinen 7:15).
Dit is trouwens geen vrijbrief om dan maar heerlijk vrij en bandeloos te kiezen voor
het slechte. Nee, het moet ons streven zijn en blijven het goede te doen. Maar God
heeft het concept ‘genade’ niet voor niets ontworpen. Hij wist dat we het kei- en
keihard nodig hebben. Wij zijn mens, en hoe hard we ons best ook doen het goede
na te streven; we maken geheid fouten. Maar… door ons geloof in onze Redder
Jezus Christus, zijn die fouten ons Godzijdank vergeven.
Omdat Jezus ervoor kóós te sterven aan het kruis, heeft Hij ons ultieme vrijheid
gegeven.











