Ode aan de postbode
Door Thea Beukema
Eerlijk gezegd ken ik haar niet zo goed, maar “iedereen” weet wie ze is. Ze brengt al jaren de post, kent ongetwijfeld veel mensen. De één wat langer dan de ander, maar het mooiste is: ze groet iedereen hetzelfde. Ze groet met zoveel energie en enthousiasme dat het lijkt alsof je haar beste vriend bent en ze je al járen kent. Prachtig, wat een uitstraling!
De eerste keer dat ik haar zag, was ik verbaasd en vroeg ik me af of ze misschien dacht dat ik iemand anders was. Tot ik erachter kwam dat ze iedereen op die manier groet.
Wat een schril contrast met mijn ervaringen. Een tijd geleden luisterde ik naar zo’n lekker kort stukje van Max Lucado waarin hij vertelde dat, als je iemand groet, je daarmee zegt dat diegene het waard is om gegroet te worden. Daarmee straal je dus een heel klein stukje van Gods liefde uit.
Dus … ik mensen groeten! (Alleen niet in een drukke stad…). Dat deed ik anders ook wel, maar nu is het anders. Nu zeg ik: ‘Hoi!’, maar denk ik: jij bent waardevol.
Het raakt me als ik zie dat zoveel mensen zich afsluiten van de buitenwereld met oortjes en koptelefoons. Het ergste vind ik nog dat mensen (ook zonder oortjes!) me recht in het gezicht aankijken zonder ook maar een spier te vertrekken als ik ze groet. Zo hard, zo koud.
Tóch heb ik er inmiddels een gewoonte van gemaakt. Ik heb niet het enthousiasme van de postbode, maar wel Gods liefde in mijn hart.
‘Even in just a smile they can see the Father’s love’










